RIJTEST: Mercedes C350e

Mercedes C350e

Verslavend. Als ik deze C350e in één woord zou moeten omschrijven, dan wordt dat het. Telkens ik instap slaagt hij erin een lach op mijn gezicht te toveren. Soms een glimlach, andere keren een stupide grijns als ik weer eens de power die deze Duitser herbergt aangesproken heb. En power, dat heeft ‘ie, het is immers niet voor niets een C350e en geen armetierige C180d (al zal die laatste ook geen straf zijn om mee te rijden, maar meer power is nu eenmaal altijd beter – altijd).

Ik ben een Benz liefhebber. Altijd al geweest. Ik heb het geluk dat er al een aantal onder m’n kont geschoven zijn, klein tot groot, jong tot oud, en telkens weer is het thuiskomen. Het gevoel blijft hetzelfde. Eenmaal je weet waar alles zit, dan kan je in elke Benz van de laatste paar decennia rijden (op misschien de gadgets na). Dus toen ik de vraag kreeg of ik het zag zitten de C350e een weekje te testen moest ik geen twee keer nadenken. Bring it on!

Mercedes C350e back

Genoeg over mij, en meer over de Benz. Volgens de overlevering zou hier een 3,5 liter benzinemotor onder de kap moeten liggen, die traditiegetrouw de achterwielen aandrijft. Deze systematiek klopt al een heel eind niet meer, en met het hele hybride verhaal wordt het nog een stukje moeilijker om daar trouw aan te blijven. Onder de kap vinden we dan ook geen 3,5 maar wel een 2 liter benzinemotor – in een configuratie die het midden houdt tussen die van een C200 (zelfde maximum koppel) en C250 (zelfde maximum vermogen) – bijgestaan door een elektrische motor van een slordige 80 pk. De rest van de specificaties kan je HIER vinden, dus laat het ons verder maar hebben over…

Eerste indruk

Al sinds z’n voorstelling wordt deze C een mini-S genoemd, en wanneer ik eens een W222 te leen krijg zal ik dat kunnen bevestigen (of ontkennen). Feit is wel dat deze generatie C (net als de recent geïntroduceerde E) qua designtaal nauw aanleunt bij de S, zowel qua exterieur als qua interieur, en dat maakt het zeker geen straf om ermee te rijden. De testwagen kwam in Avantgarde trim met ster in het rooster, wat hem er wat stoerder doet uitzien. De twee uitlaattips vind ik er beter uitzien dan de bumper zonder, ook al zijn ze dan wel fake. De velgen zijn minder m’n smaak, al zou ik hem er niet voor laten staan.

’t Zit vanbinnen

In de bestuurderszetel gaat de luxe verder: leder, optionele Burmester audio, Comand online, parkeerhulp, adaptieve weet-ik-veel-wat-allemaal, Mercedes heeft duidelijk niet bespaard op hun testwagen. Hier maken ze hun naam van rijdend salon meer dan waar (en eveneens van optiepolitiek, deze had nog niet alles en toch tikte ‘ie al een kleine 20k aan opties aan…) en word je als inzittende zwaar verwend. Dit gaat pijn doen om terug af te geven…

Gadgets

Deze C komt met een aantal verschillende rijmodi, van Eco over Comfort, Sport, Sport+ tot Individual, waarbij je alles naar wens kan instellen. Elke modus heeft z’n invloed op gasrespons, stuurgedrag, hardheid van het onderstel, enz… Zet ’em in Comfort en je hebt een typische Benz. Neem één van de sportstanden en je voelt het verschil ogenblikkelijk: meer alerte reacties, snediger stuurgedrag, je zou bijna vergeten dat je met een familiewagen op pad bent.

Mercedes C350e dashboard

Daarnaast heb je een aantal elektrische modi die je kan selecteren in Eco en Comfort: Hybrid, Electric, E-Saver en Charge. In Hybrid gaat de wagen zoveel mogelijk elektrisch rijden, tenzij de batterij leeg raakt of je teveel vermogen vraagt. In Electric rij je puur elektrisch, in E-Saver gaat hij zo weinig mogelijk elektrisch rijden en batterij sparen voor later. In Charge tenslotte ga je je batterij laden met de verbrandingsmotor. Kanttekening hierbij: met een volle batterij en een eerder lichte voet haal je om en bij de 20 km puur elektrisch. Erg ver is dat niet. Heb je een beetje een vlotte rijstijl zal dat eerder 10 tot 15 km zijn. Dat is al helemaal niet veel. Gelukkig laadt hij in anderhalf uur terug op (met de 220V laadkabel op full charge, drie uur op half charge) en kan je er volgens mij wel je voordeel uit halen, zolang je maar consequent de batterij oplaadt.

Dan heb je nog die iPad die ze daar in Stuttgart op het dashboard gekleefd hebben. Bediening ervan vergt wat gewenning maar hij herbergt wel een schat aan informatie. Zelfs de navigatie is speciaal: geef een bestemming in en de wagen stelt de meest ecologische route voor en hij plant zelf wanneer hij elektrisch dan wel benzine-aangedreven rijdt (tenzij je de instellingen aanpast natuurlijk). Knap.

Rijgedrag

Maar hoe rijdt dat nu? In één woord: subliem. Het rijdt zoals een Benz hoort te rijden. Stap in, rij naar Spanje en stap onvermoeid terug uit. Standje Comfort en je waant je op een zwevend tapijt, dat je bijna doet vergeten dat je je op het Belgische wegennet bevindt. Perfect voor elke dag, met dank aan de (voor de hybride standaard) luchtvering. Standje Sport of Sport+ en wuif maar in je spiegel, want er kan amper iemand mee. Wat een sportwagengevoel! Naar mijn aanvoelen is Sport+ wel te nerveus voor continu gebruik.

Schakelen tussen elektrisch of op benzine rijden gebeurt naadloos, al zit er soms een kleine vertraging op als je vanuit stilstand te veel vermogen vraagt. Regenereren bij uitbollen of remmen gebeurt even naadloos. Leuk gevonden is dat je je gaspedaal feedback kan laten geven wanneer je het vermogen van de elektromotor dreigt te overschrijden, zo kan je in een stad zonder al te veel moeite toch puur elektrisch blijven. Standaard doet hij dit enkel in Eco-modus.

Mercedes C350e opladen

Het gemak waarmee de wagen doet wat je vraagt is verbluffend, voor je het weet zit je op (hoogst) illegale snelheden. Eenmaal de batterij leger raakt voel je wel dat ‘ie eigenlijk te zwaar is voor de elektromotor alleen. Even vlug ergens voor glippen wordt moeilijker. De batterij is echter veel te snel leeg. Mercedes, als je hier een nog betere versie van wil maken, zorg dan alsjeblieft voor een grotere batterij en een iets zwaardere elektromotor.

Verbruik

Hoeveel hij verbruikt in puur elektrische modus wil de wagen me niet verklappen. Ik heb allerlei menu’s uitgezocht, maar het enige wat ik te zien krijg is een range. Voor de volledigheid kan ik wel vermelden dat we over de hele testperiode er gemiddeld genomen 6.5 l/100 km benzine doorgebrand hebben. Absoluut niet slecht voor een auto die leeg al 1,8 ton weegt, maar verre van het officieel opgegeven verbruik van 2.3 l/100km. Toegegeven, de batterij werd niet telkens opgeladen (pakweg 50/50) en de aanwezige peekaas werden bij momenten gebruikt, het blijft wel een serieus verschil. Dagdagelijks moet een verbruik tussen 5 en 6 l/100 km wel haalbaar zijn.

Conclusie

Wat een wagen. Laat me dat nog eens herhalen: wat een wagen. Ik kan wel een aantal minpuntjes bedenken (die elektrische range of de kofferruimte voor de grootte van de wagen bijvoorbeeld), maar de meeste daarvan zijn spijkers op laag water zoeken. Enkel die range, die zou beter moeten. Dan is ‘ie volledig af.

Tot slot

De vraag die ik me stel bij deze wagen: wie koopt zoiets? Als particulier is het niet te verantwoorden: een C250 geeft (afgaande op de cijfers) een gelijkwaardige beleving voor 10k minder (basisprijs voor een break). Of als het een diesel mag zijn, een C250d break voor 8k minder.

Heb je één of andere vennootschapsvorm, dan wordt het een ander verhaal. Dan kan je Vadertje Staat meer geld ontfutselen (of zit ‘ie minder in jouw zakken). Maar je maakt best eerst de berekening, met de op dat moment geldende wetten en premies en dies meer. En ook dan dien je er rekening mee te houden dat je ferm in ’t zak gezet kan worden als de spelregels plots veranderd worden (denk maar aan de invoering van een VAA gebaseerd op CO2 waar menig SUV-bezitter indertijd ferm op gevloekt heeft). Tot slot, als die berekening positief uitvalt, dan moet je al een hele grote fanboy zijn om voor deze Benz te kiezen en niet voor een gelijkwaardig geconfigureerde BMW 330e aan 8k minder. Tenzij het een break moet zijn, want dat hebben ze in München nog niet.


En toch, als geld geen bezwaar was, dan stond er morgen eentje op m’n oprit. Al was het maar om van tijd tot tijd die stupide grijns op m’n smoel te zetten. Mag ik ’em niet houden, Mercedes?